Logo Vlaamse Overheid en Ruimtelijke Ordening

Voorschriften van BPA's ouder dan 15 jaar

Mogelijkheid om af te wijken via artikel 4.4.9/1 VCRO uitsluiten

Bij decreet van 8 december 2017 werd een artikel 4.4.9/1 ingevoerd in de VCRO, dat in een bijkomende afwijkingsmogelijkheid voorziet voor het vergunningverlenende bestuursorgaan bij de beoordeling van aanvragen voor omgevingsvergunningen, gelegen binnen de contour van een bijzonder plan van aanleg dat ouder is dan vijftien jaar op het ogenblik van de indiening van de aanvraag. Dit artikel blijft beperkt tot plannen van aanleg die een verfijning inhouden van een limitatieve lijst van gewestplanbestemmin­gen en kunnen nooit betrekking hebben op stedenbouwkundige voorschriften inzake wegenis, openbaar groen en erfgoedwaarden.

Om te vermijden dat hiervoor telkenmale een kostelijke en langdurige herzieningsprocedure van het BPA (door opmaak van een RUP) doorlopen dient te worden, bepaalt artikel 4.4.9/1 VCRO dat kan wor­den afgeweken van de voorschriften van oude BPA’s. Deze bepaling werd ingevoerd naar analogie van de regeling voor oude verkavelingen om op die manier een hoger ruimtelijk rendement te verkrijgen via verdichting, renovatie en hergebruik. Het is een afwijkingsregeling die strikt geïnterpreteerd moet worden en niet automatisch recht geeft op een vergunning.

In de praktijk wordt deze bepaling soms aangewend om ongewenste ruimtelijke ontwikkelingen te rea­liseren. Het is voor de vergunningverlenende overheid, zowel in eerste aanleg als in graad van beroep, niet evident om de aanvraag te weigeren op basis van de niet-verenigbaarheid met de goede ruimtelijke ordening.

Daarom wordt artikel 4.4.9/1 VCRO aangepast zodat de gemeente gebieds­gericht een afweging maken in functie van de ligging van de percelen, de inhoud van de stedenbouw­kundige voorschriften van elk BPA enzovoort. Het behouden van de stedenbouwkundige voorschriften als weigeringsgrond heeft wel betrekking op het BPA in zijn geheel.

Voor BPA’s waarvan de voorschriften de gewenste ruimtelijke ontwikkelingen niet in de weg staan, maar die integendeel de ruimtelijke kwaliteit op die plek garanderen, kan de gemeenteraad beslissen dat er niet kan worden van afgeweken in toepassing van artikel 4.4.9/1 VCRO. Bij de opmaak van deze beslis­sing hoeft de gemeenteraad niet te wachten tot het BPA effectief ouder is dan vijftien jaar, maar kan de gemeenteraad hierop anticiperen.

Zoals bij meer dan vijftien jaar oude verkavelingen kunnen gemeenten differentiëren en bepalen welke BPA’s niet in aanmerking komen voor de afwijkingsbepaling. Op die manier kunnen ze sturend optreden in de ruimtelijke ontwikkeling met mogelijkheden voor hoger ruimtelijk rendement waar gewenst.

De beslissing van de gemeenteraad geldt voor onbepaalde duur. Indien de gemeente na verloop van tijd van oordeel is dat voor het BPA in kwestie de afwijkingsmogelijkheid opnieuw kan worden toegepast, kan ze uiteraard een nieuwe gemeenteraadsbeslissing in die zin nemen.

De beslissing van de gemeenteraad wordt bij uittreksel gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad en treedt veertien dagen later in werking. Om problemen te voorkomen met lopende vergunningsaanvra­gen wordt bepaald dat de gemeenteraadsbeslissing slechts van toepassing is op vergunningsaanvragen, ingediend na de inwerkingtreding van betrokken beslissing.

Daar belanghebbenden kennis moeten krijgen van de gemotiveerde beslissing van de gemeenteraad om de afwijkingsmogelijkheid, in artikel 4.4.9/1, eerste lid, van de VCRO niet toe te passen, dient de beslissing niet alleen in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd te worden, maar moet deze beslissing ook opgeno­men worden in het plannenregister, zodat deze informatie ook doorstroomt naar alle belanghebbenden (nieuwe wijziging aan artikel 5.1.1, §1, VCRO).

 

Gemotiveerd verwijzen naar voorschriften van BPA als actuele criteria inzake goede ruimtelijke ordening

Daarnaast wordt er, in het kader van de beoordeling van een concrete vergunningsaanvraag, de uitdruk­kelijke mogelijkheid ingeschreven dat de vergunningverlenende overheid gemotiveerd naar bepaalde voorschriften van bijzondere plannen van aanleg ouder dan vijftien jaar, waarvan op grond van arti­kel 4.4.9/1 VCRO op rechtsgeldige wijze kan worden afgeweken, kan verwijzen. Hierbij motiveert zij dat deze voorschriften nog steeds belangrijke actuele criteria omvatten om op die specifieke plaats de goede ruimtelijke ordening te motiveren. Deze regeling wordt ingeschreven in artikel 4.3.1, §2, eerste lid, 3°, van de VCRO.

Terug naar overzicht